De Turkse Baklava  is een lekkernij die  als dessert wordt gegeten en ook op speciale dagen zoals tijdens Ramadan of feesten. In  Nederland is de Baklava te vinden in Turkse winkels of bakkers en staat op  dedessertkaart  in Turkse restaurants.

Om het te maken heb je veel geduld nodig en tijd. De Baklava bestaat uit laagjes filodeeg, dat op bladerdeeg lijkt maar dan dunner, gevuld met gemalen stukjes nootjes, doorgaans walnoot of pistache. Het geheel wordt doordrenkt met een zoete siroop van suiker of honing. Baklava wordt op een grote schaal gemaakt en vervolgens in kleine stukjes gesneden. Ow ja pas op ! de baklava erg zoet is en is hij ook zeer machtig.

Wat heb je nodig ?

  • 1/2 Kilo papierdun bladerdeeg (Filo, deze is verkrijgbaar in Turkse winkels),
  • Kies : 2 koppen grof gehakte walnoten en 2 koppen grof gehakte amandelen of pistachnoten,
  • 2 thl. kaneel
  • 1 thl. kruidnagelpoeder en 1 kop boter.

Voor de syroop:

  •  3 koppen suiker
  • 2 koppen water
  • 1/2 kop honing
  • 2 el citroensap
  • vanille essence of poeder.

En hoe maak je het ?

Meng in een kom de grofgehakte noten met de kaneel en de kruidnagelpoeder.

Smelt de boter, leg op een beboterde bakplaat 4 vellen van het bladerdeeg, elk vel beboteren, leg hierop wat van het mengsel, dan 2 beboterde vellen, mengsel, dit herhalen tot er 4 vellen over zijn, deze 4 beboterde vellen als laatste over het mengsel spreiden, dan met een scherp mes de baklava insnijden, in vierkantjes, de rest van de gesmolten boter erover heen gieten.

In een niet te hete oven (150-175) in ongeveer 30 minuten goud bruin bakken. Maak intusen de siroop: verwarm in een pannetje het water, de suiker, de honing en het vanille essence of poeder, ongeveer 5 minuten zachtjes laten koken. als de siroop klaar is van het vuur nemen en het citroenap toevoegen.

Zodra de baklava uit de oven komt de hete siroop erover gieten en het geheel af laten koelen.

 

 

eet smakelijk